Marry de Boer wint klaverjassen

Op de tweede kaartavond van klaverjasclub Old Vic, waarbij aan acht tafels werd gespeeld, behaalde  Marry de Boer met afstand de meeste punten. Met maar liefst 5.939 punten mocht zij de eerste prijs in ontvangst nemen. De tweede prijs was voor Aukje Toornstra met 5.391 punten. (Samen hadden zij in de tweede boom 2.156 punten behaald!)

Derde en  vierde werden Gerke de Boer en Anneke Postma met resp. 5.185 en 5.118 punten.

Gerrit de Jong moest met 3.409 punten genoegen nemen met de poedelprijs, altijd nog goed voor een fles wijn.

De bediening, deze avond verzorgd door Johannes en Menno, werd met applaus bedankt voor de goede zorgen.

De volgende kaartavond is 17 november a.s.

De houtkachel.

Wij wonen nu een paar jaar in ons dorp. Het eerste jaar hebben wij niet veel gedaan in ons huis. Een beetje schilderen en dat was het dan wel. Maar langzamerhand begonnen de plannen te komen. Hoewel ik mij erg duidelijk een gesprek met mijn achterbuurman kan heugen over houtkachels (buurman was anti houtkachel en barbecue en wij waren toch hopelijk niet van die mensen), zijn wij toch de trotse bezitters geworden van zo’n ding.
Driftig is het stoken begonnen door de mannen in het huis met verschillende stapeltechnieken en houtsoorten. Want dé perfecte manier was nog niet gevonden.
Als het vuurtje eenmaal aan het branden is, vindt er zeer regelmatig overleg plaats tussen de heren over luchttoevoer etc. Wij meisjes genieten alleen maar van de warmte en het vuurspel.
Blij als een kind was manlief toen hij van mij een klein bijltje kreeg. Hij pakte een blok hout en buiten, met uiterste precisie, hakte hij (wat nergens voor nodig was maar als je zo’n machtig wapen hebt dan moet je hem gebruiken) het hout doormidden. Triomfantelijk kwam hij binnen met twee stukjes hout. Bijltje was een topcadeau. Ik denk er nu over om hem te laten graveren…
Maar een houtkachel heeft hout nodig. Dat hout moet opgeslagen worden. Mijn man heeft nu al drie plekken in de tuin aangewezen als plek voor een overkapping voor het hout. Zolang hij er niet uit is, blijf ik zakken met hout sprokkelen in het tuincentrum.

Wat erg opvallend is, is dat mede houtkacheleigenaren zichzelf zien als experts. Wij krijgen adviezen waar je het hout moet halen, hoe je het moet stapelen, welke aanmaakblokjes je moet gebruiken etc. En als je het advies niet op volgt dan moet je ook niet gaan zeuren dat het vuurtje niet goed wil branden want hun manier was namelijk de enige juiste. Het lijkt er op dat mijn man de juiste techniek heeft uitgevonden (helemaal zelf!). Ik zie namelijk vrij snel al een vuurtje en een trotse man er naast staan. Hij begint nog een verhaal over dat de pijp nog even goed warm moet worden en morrelt een beetje aan een houtblok maar het vuurtje brand en wij nestelen ons op de bank.
Mensen die nu binnen zouden komen, wandelen een hele warme woonkamer binnen en zien vier mensen met rode wangen, onderuit gezakt op de bank liggen. De mannen blijven echter nog wel waakzaam. Het vuurtje moet blijven branden. Het zal nog wel een dingetje zijn uit de oertijd.

Niet alleen de mensen in ons huis zijn blij met de nieuwste aanwinst. De katten liggen er als berenvellen voor. Deze accessoire kregen wij er geheel gratis bij. Soms tilt eentje het hoofd op om vervolgens nog verder uit te strekken. Alsof hij al flink is platgewalst door het vele heen en weer geloop van de mannen naar de houtkachel en weer terug naar de bank.

Hun fanatisme begon een beetje zorgelijke vormen aan te nemen toen een zware storm woede in ons land. De boompjes voor ons huis dreigden om te vallen en voor de zekerheid werd de auto elders geparkeerd. Terwijl ik probeerde te bedenken hoe de bomen gered konden worden, zag mijn man mogelijkheden. Want als het boompje zou sneuvelen, dan was er meer hout. Maar gelukkig bleek dit een houtkacheleigenaren-grapje te zijn. Want, natúúrlijk, was het hout van het boompje niet geschikt. Maar ik zag in zijn ogen het vuur van verlangen om met zijn geliefde bijltje eens goed primitief te gaan houthakken.
De bomen hebben de storm weten te overleven. Misschien moet ik de heren eens droppen in een bos waar je zelf het hout kan hakken. Ik denk dat niets ze even gelukkiger zal maken.
Solo.

Leen Verbeek winnaar klaverjascompetitie Old Vic.

Vrijdag avond 12 mei werd het seizoen van klaverjasclub Old Vic afgesloten met de jaarlijkse slotavond. De leden werden om 18.0 uur ontvangen in dorpshuis It Nije Formidden. Na een drankje genuttigd te hebben konden zij genieten van een uitstekend door Sing King Ling verzorgd Chinees Buffet.
Na de maaltijd werden drie korte bomen gekaart om tafelprijzen. Per tafel werd per boom van “maat” gewisseld. De winnaars kregen een fles wijn naar keuze, wit, rood of rosé.
Daarna werden de winnaars van de competitie 2016/2017 gehuldigd. Leen Ferbeek werd uitgeroepen tot competitiewinnaar, hij verzamelde maar liefst 38.702 punten. De wisselbeker, een herinneringsmedaille en een mooi boeket bloemen van Geschikt in Stijl was zijn beloning. De tweede plaats werd veroverd door Marike de Jong, zij behaalde 38.608 punten, zowaar een “close finish” en de derde plaats was voor Nellie Galama met 38.528 punten, wederom close. Ook zij kregen een herinneringsmedaille en een bos bloemen.
Na de prijsuitreiking volgde de verloting van door de leden meegebrachte prijzen en drie door de club beschikbaar gestelde (hoofd)prijzen. De verkoop van de lootjes verliep op hilarische (zo niet chaotische) wijze, maar uiteindelijk bemachtigde ieder lid een acceptabel aantal lootjes.
De drie hoofdprijzen in de vorm van twee manden met delicatessen en een mand met fraaie bloemen gingen respectievelijk naar Peter de Jong, Ane Silvius en Ankie Abma.
De voorzitter eindigde de bijeenkomst met de wens dat alle leden een goede zomer tegemoet mochten zien en hoopte een ieder bij aanvang van het nieuwe seizoen in september weer in goede gezondheid te mogen begroeten.
Daarna werd er nog even gezellig nagekaart.

 

 

 

Voor Wim Heins (1956 – 2017) verbond hout de moderne mens met de oermens

“Op intuïtie en gevoel vormde Wim Heins uit blokken hout de prachtigste gitaren, onderwijl filosoferend over het leven.”
Bron Trouw

Op 24 april heeft er in de Trouw een artikel gestaan over Wim Heins geschreven door Rob Velthuis.

Hier kunt u het hele artikel lezen.

Voor Wim Heins (1956 – 2017) verbond hout de moderne mens met de oermens

cultuur

Rob Velthuis– 19:36, 24 april 2017

Gitaarbouwer Wim Heins. aan het werk.                                                © RVNaschrift

Op intuïtie en gevoel vormde Wim Heins uit blokken hout de prachtigste gitaren, onderwijl filosoferend over het leven.

De geur van vers gezaagd hout kon zijn stemming bepalen. En er zijn nogal wat soorten, duizenden geuren en smaken zoals hij zei. Thuis had de verzamelaar ze in kleine schijfjes in een doos gecatalogiseerd. Daar kwamen die geuren bijeen, van paarden, bossen, kamfer, noem maar op. Oergeuren, zoals ze sinds mensenheugenis in de natuur zijn te vinden.

Dan zijn er de structuren en kleuren, die hij soms zelf kon beïnvloeden. Niet alleen werden stukken kwetsbaar hout in plastic verpakt om ze tegen houtworm te beschermen, bepaalde soorten ontwikkelden zo een schimmel die verkleuring veroorzaakte met een bijzondere uitstraling. Voor Wim Heins ideaal om te verwerken in een van zijn kunstwerken, die de gitaren van zijn hand waren.

Zie hem met liefde voelen en ruiken aan ruwe stukken hout in de documentaire ‘De stem van de gitaar’, die de Iraanse vluchteling Massoud Memar Nezhad in 2003 over hem maakte. Hoor Wim vertellen hoe hij eindeloos kon schuren, schaven en frezen aan een blok, dat hoe kleiner het werd ‘groeide’ naar de goede vorm. Hoe hij daarbij opging in zijn werk en in gedachten werd weggevoerd naar de oorsprong van zijn materiaal, of elders.

Was die kogel waarop zijn beitel stootte van een jager of een soldaat? Hoe waren de omstandigheden waarin dat zeldzame Braziliaanse slangenhout was gegroeid? Tot hij uiteindelijk via het hout filosofeerde over alle aspecten van het leven. Over de nietigheid van de mens, die zich vaak te druk maakt om niets, om banale materie of tijd.

Voor Wim was dat een vanzelfsprekende brug. Zijn liefde voor het maken van gitaren mocht groot zijn, de passie voor hout overtrof die. Niet alleen was hout het materiaal waarmee hij alles kon maken, het was voor hem de verbinding van de moderne wereld met de oermens die al werkte met hetzelfde product.

Prachtig als een vrouw

Hout en muziek brachten de ontheemde Massoud aan het eind van de vorige eeuw naar de gitaarbouwer. Ook voor de vluchteling was hout een metafoor. Hij voelde zich als een boom die was omgezaagd en weggevoerd naar een vreemde wereld. In Iran had hij een film willen maken over Ashig, een dissidente muzikant met zijn zelfgemaakte saz, een snaarinstrument. In Sneek sprak hij veel met Wim, en zag hoe hij uit een boom een gitaar vormde zo prachtig als een vrouw. Daaruit had hij hoop voor zijn toekomst geput.

De verraste wijze waarop Wim reageerde op die bekentenis, was typerend. Het duurde lang voordat hij in de gaten kreeg dat er van ver over de landsgrenzen belangstelling was voor zijn gitaren. Tot hij er niet meer van opkeek als iemand als Jan Akkerman zijn atelier binnenkwam voor een bestelling.

Of het nou deze meester-gitarist was met speciale wensen, of een amateur voor een doorsnee instrument; de gitaar bouwde hij met evenveel liefde. Ze konden haar krijgen zoals ze wilden, desnoods ingelegd met diamanten. Of, zoals voor jazzgitarist Jan Kuiper, met een dubbele set snaren kruislings over elkaar gespannen.

Handig was hij met zijn twee rechterhanden altijd geweest, mogelijk omdat hij stamde uit een ambachtelijke familie. Zijn opa Willem was kleermaker en maakte, net als Wim met zijn gitaren, pakken op bestelling. Ook moeder Geke kon handig kleren maken, en vader Eppie was lasser.

Zingend in de maat

Zijn belangstelling voor muziek werd opgewekt op de lagere school in Wommels. De meester liet de kinderen blokfluit en viool spelen en op wandeltochten zingend in de maat lopen. De muzikale revolutie deed in de jaren zestig de rest. Jimi Hendrix en hardrockbands hadden zijn voorkeur. Staand voor de etalage van een muziekwinkel raakte hij gefascineerd door de aanblik van een elektrische gitaar.

Zo’n instrument kon hij zich financieel niet veroorloven. Hij bouwde er zelf een waarmee hij zich urenlang kon terugtrekken op zijn zolderkamer, zittend onder een poster van Che Guevara. Hij verslond literatuur over gitaren en begon te experimenteren met constructies. Zo ontwikkelde hij zich met engelengeduld en boerenslimheid tot gewaardeerd meesterbouwer.

Eigenlijk had hij de vrijheid van het muzikantenleven willen ervaren. Na een aantal jaren brak Wim zijn studie aan het conservatorium echter af. De klassieke opleiding boeide hem niet, een richting ‘lichte muziek’ was er nog niet. Zijn verknochtheid aan Friesland stond voor een jazzopleiding een verhuizing naar Hilversum in de weg.

Zelf spelen was een voorwaarde voor zijn vakmanschap, dat gebaseerd was op gevoel, intuïtie en ervaring. Met berekenen en meten had hij weinig op. Met zijn broer Eppie (drummer) had hij in een barre winter zijn eerste band opgericht die repeteerde in een leegstaand rusthuis en op een zaterdagavond zijn debuut zou maken op een buurtfeest. Die ochtend stak een doorgedraaide buurman zijn huis in de fik, waarbij ook de aanpalende woning van Wim en zijn toenmalige vrouw Anita in vlammen opging. Dat was het einde van zijn eerste gitaar, en het voorlopige einde van spelen in een band.

Op een steenworp afstand in Ysbrechtum betrok Wim later met Jeltsje een klein huisje achter de dorpswinkel, dat met uitbouwen en de aankoop van het pand ernaast uitgroeide tot een ruime woning. De verbouwingen nam Wim zelf ter hand, met uit eiken gezaagde vloerplanken en zelfgemaakte deuren en kozijnen. In 2015 stootte hij zijn winkel af en bouwde in zijn tuin een houten atelier.

 

Op intuïtie en gevoel vormde hij uit blokken hout de prachtigste gitaren, onderwijl filosoferend over het leven. © RV

Vrijheid

Slechts kort had Wim in zijn jonge jaren in loondienst gewerkt. Daar was hij de man niet naar, hij had vrijheid nodig om zijn creativiteit kwijt te kunnen. Op een zolderkamer begon hij met het fabriceren van gitaren. Uit het teakhouten tafelblad uit Rinkes Koffiebar in Sneek bouwde hij zijn eerste basgitaar voor een vriend.

De eerste moeilijke jaren overbrugde hij dankzij het inkomen van zijn vrouw. Met het groeien van zijn houtvoorraden dijde zijn zaak in Sneek uit, tot na een aantal verhuizingen een vier verdiepingen hoog pakhuis werd aangekocht. In dat oude, gestripte pand bouwde hij een opslagruimte, werkplaats en winkel.

Hij verkocht er exclusieve fabrieksgitaren en aanverwante artikelen en bouwde op bestelling. Tot internet zijn intrede deed en de gitaren niet meer als warme broodjes wegvlogen. Het loonde niet meer om iemand de winkel te laten bestieren, zodat hij ongestoord in zijn werkplaats kon bouwen en dromen.

Die afzondering was zijn lust en zijn leven. Die vond hij ook op lange wandelingen over verlaten paden, of over de Boschplaat van zijn geliefde Terschelling. Ook naar zijn werk ging Wim liefst te voet, door weer en wind. Of hij liep even bij moeder in Wommels langs, elf kilometer verderop. Nooit liet hij zich opjagen, tijd speelde geen rol.

Evengoed genoot hij als een Bourgondiër van eten, drinken en gezelligheid. Met vrienden bezocht hij concerten, voetbalwedstrijden (Heerenveen), musea en gitaarbeurzen. Wekelijks was het kaatsen doen of kaatsen kijken. En hij speelde in de Ginhouse Blues Band, desnoods op bas als hij daarmee de band overeind kon houden. Altijd ging het om het sociale aspect, het mocht niet in werken ontaarden. Zoals ook het bouwen van gitaren uit passie voortkwam.

Wipte er familie of een vriend bij zijn zaak aan, dan gooide hij gerust de boel op slot om naar een terras te gaan. Of hij dan geen belangrijke klant kon missen? Welnee, die belangrijke klant zou hij voor hetzelfde geld op dat terras kunnen ontmoeten.

Velen zagen hem zoals Massoud in zijn winkel of werkplaats als een sociaal bindmiddel, als een mentor vol levenslessen die iedereen in zijn waarde liet. Hij was tegen de gevestigde orde, maar zou er nooit tegenaan schoppen.

Met zijn filosofische inslag had hij voor alles een relativerend woord. Zelfs toen zijn nieuwe atelier was voltooid en hij ongeneeslijk ziek bleek, bleef hij relaxed en nuchter als altijd. Leven en dood, hij noemde ze twee kanten van hetzelfde muntje.

Wim genoot zelfs van de noodgedwongen verkoop van zijn houtvoorraad, het maakt hem bewust van alle kennis die hij over het materiaal had opgebouwd. En hij was niet bang voor de dood, wel voor de klap die zijn vrouw en kinderen te wachten stond.

Willem Heins werd op 13 april 1956 geboren in Wommels en overleed op 11 maart 2017 in Ysbrechtum.

 

Trouw.nl is vernieuwd. Ter kennismaking mag u nu gratis onze artikelen lezen.

VVV Paasactiviteiten 2017

Zaterdag 15 april was het weer tijd voor de jaarlijkse Paasactiviteiten van de VVV. Om 14.00 uur verzamelden zich zo’n 25 kinderen en hun ouders en grootouders om de Paashaas en het Paaskuiken te helpen zoeken naar de kwijtgeraakte eitjes in de boomgaard van Epemastate.

De Paashaas was alle eitjes verloren en gelukkig hielpen alle kinderen goed mee om ze terug te vinden. Heel veel gouden, blauwe en rode eitjes werden al snel teruggevonden. Maar dat ene speciale groene ei bleek lastiger te vinden in het hoge gras van de boomgaard.

Gelukkig wist Antje Lotte toch ook dat groen eitje te vinden! Zij won daarmee een heel lekker prijsje; een chocolade Paashaas om van te smullen!

Vanaf half 4 ’s middags was het tijd voor de Paasspeurtocht van de VVV en JIJ voor de grotere kinderen. Dit keer moesten ze op pad om letters te zoeken die in het dorp verspreid hingen. Van alle losse letters moest dan uiteindelijk nog een woord gepuzzeld worden.

In kleine groepjes gingen in totaal 18 kinderen op pad om de letters te zoeken en de puzzel op te lossen. Een leuk klusje dat voor de een wat lastiger bleek dan voor de ander maar uiteindelijk wist iedereen het woord te ‘vinden’: kuikentje!

We hebben met alle kinderen een gezellige middag gehad! Graag tot volgend jaar!

Tineke Tigchelaar zegeviert bij Old Vic

Vrijdagavond j.l. was er weer een kaartavond van Klaverjasclub Old Vic in het dorpshuis.
Tineke Tigchelaar bleek de beste papieren te hebben deze avond, zij werd winnaar met 5.083 punten, op de voet gevolgd door Anneke Postma met 5.055 punten. Samen hadden ze in één van de bomen met daarin twee “pitten” 2.000 punten gescoord. De derde prijs was voor Aukje Toornstra met 4.997 punten en Johannes de Jong werd vierde met 4.925 punten. Hij scoorde samen met Klaas Haringa in één boom met maar liefst 3 “pitten” 1.987 punten.
De poedel was voor Anne Rusticus, bij behaalde 4.102 punten, relatief veel punten voor de poedel.
De prijsuitreiking verliep deze avond zonder de bekende cadeaubonnen. In verband met ziekte van voorzitter Piet Abma waren deze bij hem thuis blijven liggen. De winnaars hebben ze dus nog tegoed.
De volgende kaartavond is het jaarlijkse Paasklaverjassen op 7 april a.s.

NL doet in Ysbrechtum groot succes !

T mag best gezegd worden dat het voor de organisatie van NLdoet en dan op locatie Ysbrechtum het altijd spannend is van wat de opkomst zal zijn.  Afgelopen zaterdag 11 maart waren rond de 50 man aanwezig en extra soep en koffie werden aangesleept,  want over de opkomst was de organisatie meer dan tevreden.             .

 

 

Doel was om op deze zaterdag klusjes en onderhoud met vrijwilligers van het dorp in het dorp te doen. Zo is er in en rond het dorpshuis hard gepoetst en gesnoeid, bestrating hersteld en in het Epemabos en in de Ràne afval geruimd, in Burmania nieuwe boompjes geplaatst ( bij de speeltuin ) en bouwafval geruimd bij Tolhek.         .

 

 

En ook bij onze eigen kerk waren de vrijwilligers bezig het hek te reinigen en binnen werden de stoelen gepoetst, en buiten werd het opslaghok grondig aangepakt met een nieuwe fundering.           .

 

 

Om 12.30 uur werd de ochtend afgesloten met broodjes en heerlijke soep, dank en hulde aan de organisatie en de vrijwilligers, het is weer klaar voor een mooi zomerseizoen waar iedereen  er plezier van heeft.             .

 

fotos in willekeurige volgorde :               .

 

 

.

 

alle fotos via mijnalbum.nl            .

Gesprekje – MPM

Gesprekje

Sinds een anderhalf jaar boemel ik tussen Sneek en de Friese hoofdstad. En dat voldoet mij prima. Lekker relaxt je laten rijden. En die enkele keer dat de trein niet rijdt wordt je door Arriva getrakteerd op een ritje in een luxe touringcar. Duurt even langer maar is net zo relaxt.

Omdat ik altijd op hetzelfde tijdstip reis, wat trouwens voor de meeste reizigers geldt, zie je ook telkens dezelfde gezichten. Onbekenden worden onbewust bekenden. Toch blijft het voor velen moeilijk een gesprek aan te knopen. Omdat ik veel in de 1e klas reis (mag bij Arriva op een 2e klas kaartje maar alleen op de lijnen Stavoren/Sneek-Leeuwarden v.v. en Harlingen-Leeuwarden v.v.) zit je met z’n vieren bij elkaar. Ook nog face-to-face. Goedemorgen/goedemiddag kan er nauwelijks af en tot een gesprek tussen de (on)bekenden komt het ook zelden. Wat men dan wel doet? ’s Morgens heeft iedereen het druk met de gratis krant ‘Metro’, op alle andere tijden met de mobiel. En soms, heel soms leest iemand een boek. Maar praten, ho maar. Onbekend maakt blijkbaar onbemind. Totdat…..

Het boemeltje Leeuwarden binnen rijdt en iedereen zich naar de uitgangen rept om zo snel mogelijk uit te stappen. Dan komen de reizigers los en wordt er gekakeld dat het een lieve lust is. Geen hoogdravende gesprekken maar men praat. En op vriendelijke toon want er wordt ook gelachen. En als de wegen zich scheiden wenst men de (on)bekende ook nog een prettige werkdag.

Ik blijf dit een vreemd fenomeen vinden. Niets zeggen totdat je gezamenlijk en tegelijk een actie moet doen, nl. uitstappen. Hetzelfde doet zich ook voor als de trein (hoogst zelden gelukkig) halverwege de rit strand. Je zit dan met z’n allen in hetzelfde zinkende schuitje, er moet actie ondernomen worden en dat doet blijkbaar wonderen.

Psychologen in Chicago hebben er onderzoek naar gedaan door aan reizigers te vragen om óf een gesprek te gaan voeren met een onbekende medereiziger óf juist in stilte te gaan zitten met je eigen gedachten óf te doen wat ze altijd zouden doen. En wat bleek: reizigers die een gesprek voerden met onbekende medereizigers bleken de prettigste reis te hebben gehad.

Dit moet in de trein in het Noorden van ons kikkerlandje toch ook kunnen? We zijn hier toch niet stug? Misschien wat kat-uit-de-boom-kijkerig, maar stug? Maar ja, wie geeft de voorzet, u of uw medereiziger? Ach, gewoon niet bij nadenken, zelf beginnen. En is uw medereiziger er niet van gecharmeerd, over zo’n 20 minuten scheiden toch uw wegen. Gewoon maar eens proberen. Wellicht dat zo’n gesprekje ook nog iets onverwacht positiefs oplevert.

MPM.

Kom je buiten spelen? – Tikkie tikkie

Op social media volgde ik een poosje geleden een discussie over de jeugd van nu en hoe alles vroeger beter was: “Toen ik klein was, waren er ook al social media, alleen heette het toen buiten spelen”.
Een van de deelnemers aan de discussie zei het volgende: Ik vind het vooral irritant dat mensen tegenwoordig zo zeuren over ‘de jeugd van nu’. De jeugd van nu is opgevoed door de jeugd van toen. Als je niet wilt dat kinderen achter de computer of op hun telefoon zitten dan moet je ervoor zorgen dat ze niet achter de computer of op hun telefoon zitten. Jij bent de ouder, jij maakt de regels. Helemaal mee eens! Bovendien woonde ik vroeger ‘buitenuit’ dus niks niet sociaal, tenzij ik met iemand had afgesproken.

Je gunt kinderen weinig meer dan te mogen opgroeien in een prachtig dorp als Ysbrechtum. Er is bijna geen nee te koop. Iedereen die hier woont kan in principe lopend naar school en zelf een snoepje kopen bij Koekiebakker. In iedere straat wordt wat mij betreft op een gezonde manier op kinderen gelet. (lees: als ze wat naars uitspoken, dan hoor je dat echt wel). Er zijn prachtige verenigingen waar kinderen naartoe kunnen buiten school: JIJ, toneel, tennis en kaatsen. Alle andere wensen zijn op steenworp afstand in Sneek te bereiken. Prachtig gewoon.

Maar ik zat wel over dat buitenspelen na te denken. Mijn kinderen zijn heel verschillend: de ene zit het liefst tot zijn nek in de drek iedere dag, de ander moet ik soms naar buiten dwingen. Ik herinner me een uitspraak van een buur met een soortgelijk kind die riep ‘wat moet ik buiten doen dan?!’.
Mijn modderminnend mannetje heeft buiten niet meer nodig dan een boom of een modderplas. Mijn binnenblijver wordt liever vermaakt. Maar vermaak is er niet zoveel beschikbaar in Ysbrechtum.

Er is een trapveldje bij de Finne, een schoolplein, een speeltuintje tussen de Worpstrjitte en de Burmania en achter het dorpshuis staan wat speeltoestellen.
Zonder oneerbiedig over te willen komen, een beetje karig is het wel: het trapveldje bij de Finne staat vaak onder water (ik heb serieus regelmatig zwemmende eenden op het veld gezien) of het gras is er zo lang dat de bal er stil van valt of blijft hangen aan de maaitractorsporen. Enig groot onderhoud zou op z’n plaats zijn.
Op het schoolplein voelen kinderen zich na schooltijd niet gewenst. Een aantal omwonenden van de school heeft grote moeite met geluid en ballen van kinderen die plezier maken. Daar kun je van alles van vinden, maar de kinderen zijn daar wel een beetje de dupe van.
Het speeltuintje achter de Burmaniastrjitte… tja, daar is het zo nat dat mijn drekvriendje er erg blij van wordt. De meeste moeders niet.
Ik heb begrepen dat de speeltoestellen achter het dorpshuis, van het dorpshuis zijn, een erfenis van de peuterspeelzaal die er vroeger was. De gemeente heeft er geen bemoeienis mee.

Maar, zo riep er iemand, als de Râne klaar is, dan komt daar een speeltuintje. Dat is inderdaad in lijn met het Beleidsplan Openbaar Groen (2013) van de gemeente. De gemeente heeft een visie ten aanzien van het speelvoorzieningenbeleid (mooi galgje woord ) waarin staat: ‘de gemeente Súdwest-Fryslân wil kinderen van 0-18 jaar stimuleren om buiten te spelen. Buiten spelen is gezond en goed voor de ontwikkeling en bevordert de leefbaarheid van steden en dorpen’. In het plan staan zelfs referentiebedragen voor een speelvoorziening op basis van het aantal nieuw gebouwde huizen. De kinderen hebben het er al een tijdje over, maar nu zijn er ook geluiden dat het hele speeltuintje in de Râne niet doorgaat. Er is weinig geld beschikbaar bij de gemeente. Voor groot onderhoud was al een jaarlijks tekort van gemiddeld € 133.000,- staat in het beleidsplan Openbaar Groen (een derde van het totale budget).
Er wordt in ieder geval niet eerder gestart met een speeltuin, totdat de hele Râne gevuld is. Laten we hopen dat er gauw een mooie speelvoorziening komt en dat er ook eens aan wat oudere kinderen wordt gedacht.

Genoeg geëmmerd over buiten zijn van achter mijn PC vandaan. Ik ga wat van deze heerlijk frisse buitenlucht snuiven.

Tikkie tikkie.

Officiële opening Boskpaad

BOSKPAAD

Op zondagmiddag 20 november 2016 vond de officiële opening plaats
van het nieuwe wandelpad aan de zuidkant van Ysbrechtum.

Zo’n 50 mensen kwamen door het stormachtige weer naar het dorpshuis en gaven gehoor aan de uitnodiging van Doarpsrounte. Zij genoten in het dorpshuis van een kopje koffie en een stukje oranjekoek en luisterden naar het openingswoord van de voorzitter van Doarpsrounte, mevr. C. de Boer. Zij benoemde dat de opening van het nieuwe wandelpad mooi samenviel met het 50-jarig bestaan van Doarpsrounte.

 

img_1643img_1646

img_1647 img_1634

Daarna vertelde dhr. G. de Boer, die destijds in het bestuur zat toen de acht van Ysbrechtum werd bedacht, dat er sinds 2005 plannen zijn ontstaan om een recreatief wandelpad te ontwikkelen. De opening van dit nieuwe wandelpad vormt samen met de wandelroute door het Tammingaland aan de Noordkant van Ysbrechtum een acht. Het dorp heeft lang moeten wachten, maar de aanhouder wint uiteindelijk. Hij sloot af met een oproep aan de politiek (in de persoon van wethouder mevr. S. van Gent) om te blijven luisteren naar de burgers en het samen tot uitvoer brengen van ideeën.

Hierna togen de aanwezigen naar de plaats van onthulling, in het stuk land achter de wierde. Dhr. H. Faber (Doarpsrounte) concludeerde dat dit een project van de ‘mienskip’ was: Doarpsrounte én gemeente én de fam. Eysinga hebben in goed overleg dit pad voor elkaar gekregen.

 

img_1667img_1663

 

Vervolgens onthulden afgevaardigden van bovengenoemd drietal het naambordje van het nieuwe pad: Boskpaad. Het bordje staat voor een nieuw iep, die ter plekke symbolisch werd geplant. De boom, die doarpsrounte Ysbrechtum heeft aangeboden in het kader van haar 50 jarig jubileum is een Iep, de Ulmus ‘dodoens’.  Op een mooi bordje is dit aangegeven.

 

img_1689 img_1699img_1713 img_1707

Op naar Epemastate waar getoost werd op het Boskpaad én het 50-jarig bestaan van Doarpsrounte.

Wethouder mevr. S. van Gent roemde in haar toespraak vooral het werk van de gemeenschap en niet te vergeten de samenwerking met dhr. Eysinga.

 

img_1730 img_1744

Ze onthulde dat er een onderzoek binnen de gemeente Súd-West Fryslân heeft plaatsgevonden, waaruit bleek dat de ondersteuning van de dorpen de afgelopen 5 jaar (zolang deze gemeente bestaat) als goed werd beoordeeld. Het mooist is echter dat een gemeenschap zelf kan genieten van zijn eigen ontwikkelde plannen en ze wenst iedereen daarom veel wandelgenoegen op de wandelroute, die nu compleet is.

Het laatste woord was voor dhr. Eysinga, die de veranderingen van Epemastate aan zowel de binnen- als buitenkant van de afgelopen jaren memoreerde. Hij en zijn vrouw doen hun uiterste best om het allemaal mooi te maken en te houden. Mede door de huuropbrengsten van de exploitatie van v.d. Valk op deze state, kan dit algehele onderhoud plaatsvinden en kon ook dit nieuwe wandelpad aangelegd worden .

 

img_1784 img_1773

Ceremoniemeester dhr. H. Bos (Doarpsrounte) sloot deze feestelijke middag af door dhr. Eysinga (Epemastate), mevr. S. van Gent (Gemeente), dhr. G. de Boer (namens Doarpsrounte) en dhr. E. Visser (dorpscoördinator) van harte te bedanken, met een fles Thaborwijn, voor de totstandkoming van het Boskpaad.

 

img_1713

img_1689 img_1707